Jakob Maarten van Bemmelen

(1830 - 1911)


(Almelo 3 nov. 1830 - Leiden 13 mrt. 1911), bodemscheikundige, hoogleraar. Studeerde scheikunde en promoveerde in 1854 cum laude te Leiden. Was vanaf 1856 werkzaam als leraar schei- en natuurkunde te Groningen, later in Arnhem. Had grote belangstelling voor de landbouwscheikunde en analyseerde de samenstelling van bodemmonsters uit de Zuiderzee en diverse zeepolders. Was van 1874 tot 1901 hoogleraar in de anorganische scheikunde te Leiden. Wordt beschouwd als de grondlegger van de bodemscheikunde en colloïdchemie in Nederland. Publiceerde daarnaast ook over de geologie en archeologie van ons land, zoals in: Beschouwing over het tegenwoordig standpunt onzer kennis van de Nederlandsche terpen(1908), Aanteekening omtrent de daling van den Nederlandschen bodem (1909) en Rapporten met betrekking tot de bodemgesteldheid van de Wieringermeer en van den Andijker proefpolder (2 dln.; 1929)
Meer info via:

Illustratiebron: wikimedia commons: Van Bemmelen als Leids hoogleraar (portret door Menso Kamerlingh Onnes); schilderij uit 19020